ROBERT GJERDINGEN APRIL 2008
ROBERT GJERDINGEN
Dit seminarie vond plaats in het Orpheus Instituut van maandag 28 tot en met woensdag 30 april 2008.
Op initiatief van de Nederlands-Vlaamse Vereniging voor Muziektheorie werd dit academiejaar een muziektheoreticus van internationale allure een residentie aangeboden voor twee lesperiodes.
De Universiteit en het Conservatorium van Amsterdam enerzijds en het Orpheus Instituut anderzijds zijn partners in dit initiatief en ontvangen respectievelijk in november 2007 en april 2008 Robert Gjerdingen (Northwestern University, Evanston).
Het onderzoek van deze Amerikaanse muziektheoreticus spitst zich momenteel toe op het componeerproces in het algemeen en op de opleidingscurricula van componisten in het achttiende-eeuwse Napels in het bijzonder. De resultaten van dit onderzoek zijn baanbrekend en van bijzondere waarde voor zowel theoretici als uitvoerders die zich in deze fascinerende tijdsperiode wensen te verdiepen.
Van 28 november tot en met 30 november 2007 was Prof. Gjerdingen te gast aan het Conservatorium en de Universiteit van Amsterdam. De lezingen handelden over de "partimento"-traditie, de praktijk van het realiseren van onbecijferde bassen, die in de achttiende eeuw een belangrijke rol speelde in de opleiding tot hofmusicus aan de Italiaanse conservatoria.
Naar aanleiding van de april-workshops in het Orpheus Instituut ging Robert Gjerdingen dieper in op algemene en meer specifieke elementen uit de muzikale schematheorie. Meerbepaald werd nagegaan welke rol de herinnering van muzikale frases en ‘gestures´ speelt in het proces van compositie en improvisatie. De concepten van de schematheorie werden geïllustreerd met voorbeelden uit de achttiende-eeuwse galante stijl. De theorie biedt een verklaring voor de snelheid en het elegante vakmanschap waarmee zulke complexe en met zorg uitgewerkte muziek werd gecomponeerd.
Robert Gjerdingen studeerde aan de Universiteit van Pennsylvania (Ph.D, 1984) bij Leonard B. Meyer, Eugene Narmour en Eugene K. Wolf en doceert sinds 1994 muziektheorie, -cognitie en -geschiedenis aan Northwestern University. Hij is de auteur van "Music in the Galant Style" (een essay over de verschillende karakteristieke schemata van achttiende-eeuwse hof-, kapel- en theatermuziek), "A Classic Turn of Phrase: Music and the Psychology of convention" en vertaalde werk van Carl Dahlhaus in het Engels (Untersuchungen über die Entstehung der harmonischen Tonalität).
